Manouria emys: Schlegel & Muller, 1844: testudinidae: landschildpadden: Aziatische bosschildpadden:

Bruine Landschildpad 

-vertalingen:

Asian forest tortoise

Tortue à épérons géante, Tortue brune de Birmanie

Braune Erdschildkroete

Tartaruga bruna birmana

Tortuga montesa

 

-verspreiding: Thailand, Maleisië, Sumatra, Borneo, India, Birma, Bangladesh.

-leefgebied: ze bewonen de gematigde, vochtige regenwouden (loofwouden) in zuid-oost Azië, onderhevig aan de moesson.

Van de provincies Annam ( Meghalaya) en  Nagaland in noordoost India en Myanmar, zuidwaarts door Thailand en Maleisië tot Sumatra en Borneo.

Manouria Emys houdt erg van echt vochtige biotopen, en blijft altijd in de onmiddellijke omgeving van ondiepe waterplassen. Soms houden ze zich zelfs op in ondiepere bergriviertjes.

De twee erkende ondersoorten van Manouria emys hebben een overlappend verspreidingsgebied: zuid Thailand, Noord-Maleisië en Bangladesh.

Het echte verspreidingsgebied van beide ondersoorten vraagt nog wel wat veldwerk en –onderzoek.

Ze brengen veel uren van de dag door half- of volledig ingegraven in het bladafval op de bosbodems.

-Overige data:

Schemeraktieve dieren, die overdag tijdens de warmste uren schuilen in poelen of in de bodemvegetatie.

Voornamelijk herbivoren, (ze eten vooral plantendelen, grassen, groenten, fruit, waterplanten, ze zijn gek op paddenstoelen), maar eten ook af en toe een slak, worm, een kadaver..   

Rustige, zich traag voortbewegende dieren.

Het nestgedrag van deze soort is echt wel uitzonderlijk:

Manouria emys is de enige soort die een nest bouwt.

Ze schraapt een berg plantaardig materiaal bij elkaar (cfr. krokodil-achtigen). Na eerst een aantal vierkante meter bosgrond gereinigd te hebben van alle 'onzuiverheden' bouwt het vrouwtje met een hoop plantaardig afval een meter-hoog nest.

Als de nesthoop goedgekeurd is, graaft en vormt ze met haar voorpoten (!!) een komvormig kuiltje om de eieren in te leggen. Dan draait ze zich om, en met de achterpoten vormt ze de kuil precies naar haar wensen. Na het leggen (tot 50 eieren) bedekt ze met haar achterpoten de eieren met een laagje plantmateriaal; ze draait zich weer om, en met haar voorpoten begint ze de legkuil verder te vullen. Nog dagen na het leggen sleept ze met haar voorpoten plantenafval aan uit de directe omgeving om haar nest te verstevigen.

Tot drie weken na het leggen bewaakt ze furieus haar nest. Ze verjaagt predatoren door duwen en bijten.

De paringen gebeuren in  februari-maart.

Sociaal gedrag: manouria is ook de enige soort die , (buiten de nestbouw en de nestzorg) een meer uitgebreid spectrum van communicatie-middelen heeft ontwikkeld:

-ze stoten ritmische geluiden uit, mannetjes onder mekaar om te imponeren, en tijdens 'de paringsdans' tussen de seksen

-met hoofdknikken en keelgeluiden maken mannetjes en vrouwtjes mekaar het hof.

-'fixatie' is een seksueel getint gedrag, waarbij het mannetje, hoog op de poten en zichzelf lang uitstrekkend, het vrouwtje visueel fixeert (aanstaart), terwijl hij hoofdknikkend en geluidjes uitstotend, rond haar loopt.

Het carapax is olijfkleurig-bruin- donkerbruin tot bijna zwart.

Het plastron bij volwassen dieren is donkergrijs, bruin tot zwart, mede afhankelijk van de ondersoort. Door de enorm grote keelschilden ( gulaire schilden) lijkt het plastron zelfs groter dan het carapax. Jonge dieren hebben een meer geel buikschild, met een zwarte schijn.

De kop is gewoon tot groot, met een ietwat gehaakte bovenkaak.

De kop is zwart met wat roze, bronskleurige of bruine pigmenten.

De poten en de staart zijn (bijna) zwart. De bovenkant van de voorpoten is bedekt met grote  elkaar overlappende schilden.

Op de billen aan beide kanten van de staart zien we verschillende erg grote ‘sporen’: hieraan dankt deze soort zijn inheemse naam: Zesvoetige Schildpad.

De staart eindigt in een hoornen punt.

De voorpoten hebben vijf grote klauwen, de achterpoten vier.

Sommige mannetjes hebben een dikkere en langere staart en een concaaf buikschild, zoals gebruikelijk is bij landschildpadden, maar lang niet allemaal hebben ze deze typisch mannelijke eigenschappen. Hierdoor is het soms erg moeilijk Manouria te seksen.

De enige 100% betrouwbare manier om Manouria te seksen is dus via de dierenarts of via visuele paring.

 

Manouria emys is de meest primitieve van alle schildpaddensoorten.

   

 

-klimaattype: A2 

-terrariumtype: T6, temp. 12- 28°C, met ondiep ( naargelang de grootte van de dieren: 5 - 10 cm) watergedeelte.

Nakweekjes verkiezen temperaturen van 18-28°C

De PH-waarde van het water kleiner dan 7 houden, houdt de schimmels en bacteriën weg.

 

-volwassen grootte: tot 60 cm. Manouria emys is hiermee de grootste Aziatische landschildpad.

-status: IUCN-rode lijst 2013.2: sterk bedreigd. Cites app. II.

Door grootschalige jacht voor de voedselmarkt,  de huisdieren- en medicijnenmarkt zijn de populaties nu beperkt tot de meer ontoegankelijke, verder afgelegen stukken regenwoud. Versnelde ontbossing met als gevolg een erg versnipperd leefgebied, de grootte van de schildpad die hem een gemakkelijke prooi maakt voor menselijke jagers, en zijn hoge prijs op de huisdierenmarkt, zorgen voor een gestage vermindering van populaties en aantallen.

Geëvolueerd van kwetsbaar tot bedreigd (2000): de wettelijke vangstquota (50 in 1999, 200 in 2000, 500(!) in 2002), werd in 2006 bepaald op 400 dieren. Dit (toch eerder beperkte aantal) bleek echter nog veel te veel om uitsterving te voorkomen. Een totaal verbod in Europa heeft de markt gewoon verplaatst naar de USA en Japan